One small step for mankind

Ik weet het, ik ben geen early adopter, eerder een laggard. Ik kijk de kat uit de boom, heb een gezonde dosis scepsis bij nieuwigheden en speel graag advocaat van de duivel. Zo ook met het hele vaccinatiegebeuren. Ik was degene die altijd riep: “Prima idee, maar ik ga wel als laatste.”

En toen was daar ineens mijn oproep voor Janssen. En dat voelde niet goed. Dus heb ik ‘m omgezet naar Pfizer/Moderna drie weken later. Even de dans ontsprongen voor een beter alternatief voor mij. Drie weken waarin ik extra hard mijn best deed om gezond te blijven, want in het zicht van de haven stranden is natuurlijk wel erg sneu.

Maar nu fietste ik dan toch naar mijn eerste prik, af te halen in de Rijtuigenloods in Amersfoort. Diezelfde loods waar ik een jaar of 35 geleden voor stage met een walkietalkie tussen de goederentreinen liep en waar ik het afgelopen jaar 2 keer een test heb laten doen. Het kan raar lopen in het leven. Ik zet mijn fiets in de stalling en loop de grote witte tent binnen. Voordat ik mijn voeten heb kunnen vegen en handen heb gedesinfecteerd ben ik al door 3 hesjes behulpzaam de goede kant op gewezen. Ongelofelijk wat zitten hier veel mensen. Bij elke bocht bevindt zich weer een nieuw teamlid. Als dit circus straks ten einde is en alle overbodige medewerkers en masse overstappen naar de horeca is het personeelstekort daar ook weer opgelost!

Ik stiefel langzaam naar voren en kom langs een groot informatiebord met interessante punten.
Eén: ‘Respectvol gedrag’ met daaronder een hele uiteenzetting van wat er hier van ons wordt verwacht.
Twee: ‘Mobiel telefoneren met respect voor anderen’. Leuk, je mag hier dus gewoon bellen.
Drie: ‘Hulp – en geleidehonden zijn welkom’. Hier slaat mijn fantasie van op hol.

Een spatie op de verkeerde plaats en je krijgt meteen een heel ander bericht. Hulp is hier welkom! Zoveel hesjes en nog zoeken ze hulp. Grinnikend maak ik er een foto van, voor in mijn collectie tekstmissers. Vier: ‘Foto’s en films niet toegestaan’. Ah-oh, te laat!

Na het fietsen een tijdlang stilstaan in een warme tent met een mondkapje op is geen pretje. Gelukkig heb ik mijn watertje mee en stiekem drink ik wat slokjes. Daar knap ik wat van op. Na een hoop geschuifel ben ik eindelijk bij de tafel vooraan. Het vriendelijke hesje wil mijn papieren, ID en oproep zien en als alles in orde is bevonden mag ik de rechter ingang in. En net als bij de Efteling volgt ook hier de teleurstelling: na de bocht geen ‘bestemming bereikt’, maar een nog langere wachtrij. Voetje voor voetje gaat het hier verder. Ik vraag me af in hoeveel procent van de gevallen het hier misgaat, statistisch gezien? Hoeveel mensen dat dan zijn en vooral: wie? Ik heb tijd zat om na te denken over waarom ik hier ook alweer sta. Zou het met mij wel goed aflopen? Ik kan nu nog weg …

Om mijn gedachten te verzetten focus ik me op de balies 1 t/m veel. Balie 1 is het dichtstbij en heeft opzij vier stoelen met wachtenden erop. En dat wachten daar duurt lang. Heul lang, zie ik. Vreemd, want bij alle andere balies lopen de mensen meteen door naar het prikhokje erachter. Het hesje van balie 1 springt zelfs af en toe op om haar wachtenden naar een ander prikhokje te verwijzen. Nee, balie 1 moet je niet willen. Ik ben bijna aan de beurt. En dan klinkt het: “Balie 1, loopt u maar door.”

Natuurlijk. Hoe dan? Zal ik mijn mond opentrekken? Of gewoon gaan zitten? Ben ik nu braaf of stom? Stiekem doorlopen is geen optie, het hesje houdt alles in de gaten. Uiteindelijk ga ik gelaten naar balie 1, toon mijn spullen, krijg een printje mee en de verzekering dat ik Pfizer krijg en dan ga ik zitten wachten. Ik kan precies zien hoe de mevrouw die na mij was naar een andere balie doorloopt en meteen het prikhokje in mag. De meneer daarachter loopt ook door. De mevrouw verlaat haar prikhokje alweer als ik nog steeds zit te wachten. Zou prikhokje 1 een stagiair herbergen? Iemand die steeds misprikt? Ik maak me een beetje zorgen.

Als ik eindelijk aan de beurt ben blijkt er een heel aardige vrouw te zitten die haar werk heel serieus neemt, maar ook heel gezellig is. Binnen no time zit de prik met Comirnaty erin. “Pardon?? Welke? Ik kom voor de Pfizer!” zeg ik angstig. “Ja, dat is deze, die is van Pfizer” antwoordt ze. Echt? Waarom heb ik dat woord nog nooit eerder gehoord? Maar het is hoe dan ook te laat. Hij zit erin. Als ik opsta ben ik een beetje slap in de benen. Ik ben geschrokken en heb het benauwd. Mijn blik is een beetje troebel. Het lijkt of ik moeilijker adem, maar dat kan ook door het klamme mondkapje komen.

Aan het einde van de gang is de wachtruimte met hokjes voor 15 minuten en voor 30 minuten rust. Zelf aftellen graag. Ik ga meteen aan het begin zitten en neem weer een slokje water. Naast mij staat een rijzige Rode Kruisman de boel in de gaten te houden. Langzaam kom ik weer tot rust en opent mijn blik zich weer. Er komt een andere Rode Kruisman overleggen over een heer daar op de hoek die niet goed aan het worden is. Of hij hem even extra in de gaten kan houden? Tsja, daar knap ik niet van op.

Ik dood mijn tijd met de telefoon. Gekke selfies maken mag hier wel. En ik denk aan het verhaal van mijn schoonvader: hij werd in de wachtruimte gecontroleerd door een Rode Kruisman. Of het wel goed met hem ging? Verbaasd antwoordde mijn schoonvader dat het uitstekend met hem ging, hoezo? “Omdat u niet op uw telefoon kijkt maar voor u uit zit te staren!” Ik moet weer glimlachen om dit verhaal. Ik neem nog een slokje water en merk dat ik weer ontspannen ben. Mijn tijd hier zit erop en ik meld de Rode Kruisman dat ik denk dat ik het wel overleef. We groeten elkaar en buiten in het zonnetje spring ik op mijn fiets.

Aandachtig speur ik langs de Rijtuigenloods; hier was ongeveer mijn kantoortje toen, maar ik kan het niet meer terugvinden. Wat gek, zo loop je er maandenlang blindelings naartoe en zo ben je het kwijt. Het verleden is vervlogen maar ik ben klaar voor de toekomst. One small step for mankind, one giant leap for me.

One small step for mankind
Schuiven naar boven